Individuele Digitale Soevereiniteit
Tot voor kort was ik volledig toegewijd aan het Apple ecosysteem. Als betalend abonnee vertrouwde ik volledig op de clouddiensten van iCloud. Ik heb sindsdien een drastische ommezwaai gemaakt en ben nu de trotse system administrator van mijn eigen server. Op deze gehuurde computer in een Duits serverpark draait nu mijn hele digitale leven: wachtwoorden, bestanden, foto’s, contacten, agenda’s, herinneringen, notities, en zo verder. Dat gebeurt bijna uitsluitend met gratis en open-source software, zonder in te leveren op functionaliteit. Op veel gebieden ben ik er zelfs op vooruit gegaan. Het geheel wordt uitgebreid afgeschermd en beveiligd. Applicaties zijn überhaupt alleen vindbaar via mijn privé-VPN waartoe alleen mijn telefoon en laptop toegang hebben. De tweede verdedigingslinie bestaat uit wachtwoordbeveiliging met tweefactorauthenticatie. En ten slotte wordt al het verkeer automatisch gemonitord op verdachte activiteit. Verdachte afzenders worden onmiddellijk geblokkeerd. In dit essay schets ik welke maatschappelijke ontwikkelingen me hiertoe hebben doen bewegen, en beschrijf ik in detail de weg ernaartoe en de gemaakte overwegingen. Niet omdat ik vind dat iedereen hetzelfde proces moet doorlopen, maar zodat je als lezer voelt dat er voor iedereen ruimte is om stappen te zetten naar meer digitale soevereiniteit.
I. Waarom is digitale soevereiniteit zo belangrijk?
Digitale soevereiniteit gaat over het terugnemen van de teugels van grote techbedrijven. Het gaat over stoppen met lijdzaam toekijken terwijl grof geld wordt verdiend aan onze aandacht over de rug van onze tijd en onze relaties. Want technologie is niet alleen gereedschap om te gebruiken. De smartphone is een extern implantaat, een brain-computer interface, dat wordt bediend met onze handen en ogen. In tegenstelling tot ons brein kent het geen evolutionaire, maar economische selectiedruk. Onderlinge competitie tussen beursgenoteerde bedrijven zonder serieuze externe regulering betekent een race to the bottomW, waarin uiteindelijk vooral het belang van de aandeelhouder wordt gerespecteerd. Dat leidt tot designkeuzes die niet goed voor ons zijn. Je voorpagina is volledig op je afgestemd. Niet om je ten dienste te zijn, maar om een zo groot mogelijke emotionele reactie bij je uit te lokken. Het achterliggende algoritme houdt geen rekening met de aard van die emotie, die vaak negatief blijkt te zijn .8Humprecht, E., Amsler, M., Esser, F., & Van Aelst, P. (2024). Emotionalized Social Media Environments: How Alternative News Media and Populist Actors Drive Angry Reactions. Political Communication, 41(4), 559–587. https://doi.org/10.1080/10584609.2024.2350416PDF↖ Als je je pagina ververst, verschijnt keer op keer een verrassingsassortiment van materiaal. Net als in een casino werkt een variabele beloning namelijk het meest verslavend. Ik las laatst dat nog maar zo’n 10% van het materiaal dat mensen op de grote platforms bekijken nog van bekenden komt .1Seetharaman, D. (2025, April 16). Zuckerberg says Meta’s share of time people spend on social media declined. The Information. https://www.theinformation.com/articles/zuckerberg-says-metas-share-time-people-spend-social-media-declined↗↖ De overige 90% is dus van mensen wiens baan het is om kijkers te werven, of mensen wiens taak het is je hun product te verkopen. Het stompt af en maakt passief, het voedt ons zonder voedzaam te zijn.
Tegelijkertijd doet het, helaas deels in potentie, ook onvoorstelbaar veel goeds. Technologie stelt ons in staat om relaties te onderhouden met anderen ongeacht de fysieke afstand, het emancipeert op vlak van kennisoverdracht en kansengelijkheid, en het stelt ons in staat om herinneringen stante pede vast te leggen, om maar een aantal zaken te noemen.
Goed, het bespreken van de voor- en nadelen van social media is niets nieuws. Mijn punt is dat deze technologie toegang verschaft tot ons brein aan techbedrijven die vulgaire motieven hebben. Dat heeft niet alleen effect op je als individu, het verandert onze gebruiken, gewoontes en de manieren waarop we met elkaar omgaan. Het verandert het culturele weefsel dat ons verbindt. Er zijn legio voorbeelden van politieke inmenging via social media: tijdens de coupe in Myanmar, Cambridge Analytica tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016, de aanval op het capitool in 2021, of de radicalisering van moslims en andere religieuze fanatici via online echokamers. Er zijn ook legio voorbeelden van de effecten ervan op onze kinderen; zie de boeken van Jonathan Haidt (hoewel empirisch niet altijd even valide), de ambities om telefoongebruik op Nederlandse scholen in te perken, de vereenzaming van jongeren, toename van eenpersoonshuishoudens. Hoewel niet alles strikt toe te schrijven is aan technologie of smart phones, lijkt schermtijd in bredere zin een drijvende kracht achter veel van deze ontwikkelingen.
Sommige van de voorbeelden vallen meer in de categorie politiek bijeffect van een economisch gemotiveerde keuze, bijvoorbeeld door de nadruk van sociale media op negatief emotioneel geladen materiaal. Anderen vallen meer in de categorie bewuste politieke beïnvloeding, wanneer regeringen of politieke belangenorganisaties botlegers en spamaccounts inzetten die propaganda verspreiden. Als je gehecht bent aan jezelf en je wil ontkoppelen van de algoritmische veranderingen waar culturen massaal aan blootgesteld worden, is het waardevol om een poging te wagen je eraan te onttrekken.
Een andere belangrijke categorie risico’s die nog niet aan bod is gekomen gaat over de gevaren van het gratis weggeven van je data. Elke keer als je klakkeloos cookies accepteert, en zelfs als je dat niet doet (via fingerprinting↗), verzamelen websites gegevens. Als je Gmail gebruikt, leest Google alles mee en gebruikt het in hun advertenties. Je zoekgedrag in zoekmachines, je gedrag op sociale media. Alle informatie wordt met elkaar verbonden met een paar centrale gegevens, vaak emailadressen die je telkens hergebruikt. Dergelijks contactgegevens zijn in legio datalekken openbaar geworden. Zo komt mijn oude gmail volgens HavIBeenPwned↗ in 14 datalekken voorbij. Pogingen om je data af te schermen door bijvoorbeeld je cookieinstellingen te wijzigen helpen, maar zijn niet afdoende. Bedrijven blijven vatbaar voor datalekken, en cookieinstellingen zijn gebaseerd op vertrouwen in het betreffende bedrijf. En vertrouwen maakt kwetsbaar (in deze context).
Want met je data wordt je op verschillende manieren gemanipuleerd om geld uit te geven, meer te betalen dan nodig was, je te verleiden om ergens tijd aan te spenderen, of om je mening te veranderen. Tenzij je zelf actie onderneemt om dat te veranderen!
II. Maar ik heb toch niets te verbergen?
Het is vermoedelijk de meest gestelde retorische vraag in privacydiscussies, en toch heb ik er nog geen goed antwoord op gevonden. Veel lezers zullen het al met me eens zijn, anders zullen ze zich immers niet verdiept hebben in digitale soevereiniteit, maar toch wil ik er graag een antwoord op formuleren. Om twijfelaars te overtuigen, en om anderen de munitie aan te bieden om weerstand te bieden aan dit fenomeen.
Het geniepige van de vraag is dat ze het debat vernauwt en reduceert tot een enkele kwestie: het belang van privacy om criminele activiteiten te verbergen. Belang hechten aan privacy wordt daarmee gelijkgesteld aan ‘voornemens zijn om iets crimineels te doen’. Terwijl privacy veel breder is dan dat, maar daardoor ook moeilijk definieerbaar wordt. Privacy kan bijvoorbeeld gaan over een situatie waarin iemand een geheim van je deelt zonder je toestemming, maar ook over situaties waarin iemand niets nieuws over je leert, maar je bijvoorbeeld bespiedt of volgt zonder je medeweten.
Daniel Solove vergelijkt het ontbreken van privacy met Franz Kafka’s boek ‘Het proces’, waarin de hoofdpersoon gearresteerd wordt zonder te weten waarom, en waarbij een mysterieus ambtenarenbestel een dossier over hem heeft aangelegd op basis waarvan hem iets ten laste wordt gelegd, zonder dat de hoofdpersoon er ooit achterkomt wát precies .2Solove, D. J. (2011, May 15). Why privacy matters even if you have “nothing to hide.” The Chronicle of Higher Education. https://www.chronicle.com/article/why-privacy-matters-even-if-you-have-nothing-to-hide/PDF↖ Ik moest meteen aan de toeslagenaffaire denken toen ik dit las. Er blijkt zelfs een boek geschreven te zijn dat ‘Kafka in de rechtsstaat’ heet over precies dit onderwerp. Solove geeft de voorkeur aan Kafka boven Orwell’s 1984, omdat de discussie volgens hem te veel over surveillance gaat, en te weinig over informatieverwerking. Als je je data weggeeft dan geef je controle uit handen, aan het overheidsapparaat of aan commerciële algoritmes die ondoorzichtig en ondoorgrondelijk opereren.
Onbegrensde informatieverwerking heeft verschillende nadelen. Aggregatie bijvoorbeeld, waarin stukjes schijnbaar onschuldige informatie samengevoegd worden zodat ze informatie onthullen die je liever privé had gehouden. Of exclusie, bijvoorbeeld doordat staten in het kader van de nationale veiligheid geen inzage geven in de databases met persoonsgegevens die ze onderhouden. Wil je dat de staat een dergelijk alleenrecht over je heeft? Daarnaast is data inherent reductionistisch, het reduceert een individu tot een verzameling gegevens, en schetst daarmee vaak een beperkt of vervormd beeld van de werkelijkheid.
Protest aantekenen stuit vaak op bureaucratische onverschilligheid en een gebrek aan verantwoordingsplicht. En privacy erodeert doorgaans langzaam, stapje voor stapje lever je steeds meer in. Terugkrijgen is vaak lastig. Privacy gaat dus over regie houden, en over machtsverhoudingen tussen het individu en het systeem. Daarbij is de ‘maar ik heb toch niets te verbergen’-houding koren op de molen van datzelfde systeem. Het veronderstelt een soort misplaatst en naïef vertrouwen in een goede uitkomst, mits we braaf ons lot in de handen van Vadertje Staat blijven leggen.
Ik stel daarom voor dat iedereen die door de staat of door een bedrijf wordt gevraagd informatie te verschaffen een uitgangspositie van argwaan betracht, en zichzelf dit afvraagt: waarom hebben ze dit nodig, wat doen ze ermee, en wie heeft er nog meer toegang toe?
III. Een Europees perspectief op privacy en technologie
In maart 2025 betaalde ik nog nietsvermoedend een godsvermogen voor een iPhone 16. Niet lang daarna zette Trump de relatie met Europa op scherp met zijn handelsoorlog en voortdurende dreigementen om uit de NAVO te stappen. Ineens werd ik onzeker over de vanzelfsprekendheid waarmee ik al die tijd Amerikaanse techproducten afnam. Wat als er ineens importtarieven op iPhones zouden komen? Hoe veel meer geld ben ik bereid om voor een iPhone te betalen? Wat als Apple van zijn privacyvriendelijke koers afstapt? Is Apple nu eigenlijk wel te vertrouwen? Al mijn backups, clouddiensten, allemaal afhankelijk van Apple. Mijn onbehagen bij mijn afhankelijkheid groeide. Buy European klonk ineens zo gek nog niet.
Toen besloot de Europese Unie (EU) in de zomer van 2025 ineens om toch het beruchte Chat Control te agenderen. Ik schrok me rot: alle privécommunicatie in de EU zou door AI verplicht gescand worden op kindermisbruikmateriaal. Omdat AI dat niet foutloos kan, moeten alle fout-positieven – pikante kiekjes met je partner, je kinderen in een pierebadje – door EU-ambtenaren gecontroleerd worden. Hoe kon de EU, die met de AVG (GDPR in het Engels) juist bescherming van digitale rechten zo hoog in het vaandel had, nu deze wet voorstellen? Ik was vol ongeloof. Mijn vertrouwen in de EU werd aan het wankelen gebracht en voor het eerst in mijn leven ontwaakte er iets activistisch in me. Ik stuurde berichtjes naar vrienden en familie, en nam contact op met europarlementariërs via https://fightchatcontrol.eu/↗. Inmiddels is Chat Control na veel politiek gepingpong in een aangepaste vorm aangenomen door de Europese Raad.3European Commission. (2025). Proposal for a Regulation of the European Parliament and of the Council amending Regulation (EU) 2021/1232 as regards the extension of its period of application (COM(2025) 797 final). https://ec.europa.eu/transparency/documents-register/detail?ref=COM(2025)797&lang=en↗↖ Het scannen van foto- en videomateriaal is nu verplicht in hoog-risicogevallen. Michel Portier uit terecht de zorg dat alle situaties waarin nu sprake is van end-to-end encryption als hoog risico aangemerkt zullen worden.4Michel Portier. (2025, 15 november). Chat Control: Via achterdeur doorheen gedrukt? Geen complot maar beleid | Michel Portier (Nr. 2122) [Podcastaflevering]. In De Nieuwe Wereld. Stichting De Nieuwe Wereld. https://open.spotify.com/episode/1QVQ1viHAbvBzWp8Sp0wyQ↗↖ Daar komt nog bij dat het scannen van tekstberichten om grooming te voorkomen nu ook onder de wetgeving valt. Geen enkel bericht is nog veilig.
Chat Control past helaas in een bredere trend van méér surveillance en mínder online anonimiteit. Binnen de EU gaat het om initiatieven zoals de digitale euro↗ en de Europese digitale identiteit (eID)↗. Buiten de EU gaat het bijvoorbeeld om de Online Safety Act↗ in het Verenigd Koninkrijk. Ongepaste websites zoals pornografie hebben een identificatieplicht en vragen voortaan om je identiteitskaart en een filmpje van je gezicht. En ook in Australië geldt inmiddels een identificatieplicht die 16-minners van sociale media moet weren. In Nederland heerst een vergelijkbaar sentiment: “Bijna twee op de drie Nederlanders (63 procent) zijn inmiddels voor een verbod op sociale media onder de 16 jaar. Vorig jaar was dat nog 57 procent” .5Bogosavac, N. (2026, 23 januari). Steun voor socialemediaverbod voor jongeren groeit, vooral onder gen Z. NOS Nieuws. https://nos.nl/artikel/2599319-steun-voor-socialemediaverbod-voor-jongeren-groeit-vooral-onder-gen-z↗↖
Nu sta ik zeker niet onsympathiek tegenover de wens om iets te doen aan de schadelijke effecten van sociale media. Ik ben alleen geen voorstander van verplichte leeftijdsverificatie voor iedereen. De veiligheidsrisico’s wegen daarin wat mij betreft niet op tegen de voordelen. In plaats daarvan zou ik voorstellen om op andere manieren sociale media minder parasitair en verslavend te maken. Er zijn namelijk meer dan genoeg manieren om schade door sociale media aan te pakken zonder massasurveillance. Zo heeft Bits of Freedom↗ recent een prachtige overwinning behaald in de rechtszaal waardoor Meta werd gedwongen om een chronologische tijdlijn aan gebruikers aan te bieden .6De Wild, M. (2026, 2 februari). Liveblog hoger beroep Meta 26 januari. Bits of Freedom. https://www.bitsoffreedom.nl/2026/02/02/liveblog-hoger-beroep-meta-26-januari/↗↖ En zo zijn er nog talloze andere designpatronen – ook dark patterns genoemd – die ons op slinkse wijze proberen te manipuleren .7Ye, X. (2025). Dark Patterns and Addictive Designs. Weizenbaum Journal of the Digital Society, 5(3). https://doi.org/10.34669/wi.wjds/5.3.2PDF↖ Een age gate is een soort kanon dat veronderstelt dat enkel kinderen behoed moeten worden voor dit soort manipulatie, terwijl volwassenen net zo min bestand zijn tegen alle slimme koppen die ons beloningssysteem proberen te hacken.
Hoe dan ook, de huidige trend in Europa is zorgelijk, en het sentiment lijkt steeds meer af te stevenen op de leeftijdsbeperking als noodzakelijke maatregel. Ik maak me geen illusies, maar ik ga wel alles in het werk stellen om door de mazen van dit soort maatregelen te glippen. En de beste manier om daar op te anticiperen is door zo onafhankelijk mogelijk te worden van derden.
IV. Aan de slag met digitale soevereiniteit
- Welke diensten gebruik ik?
- Welke eigenschappen moet een goed alternatief aan voldoen?
- Kies ik voor beheerde diensten of ga ik self-hosten?
- Wat ben ik bereid te betalen?
Ik besloot dus om zo veel mogelijk zelf te gaan regelen. De eerste vraag is dan: voor welke dienst wil ik een alternatief? Om die vraag te beantwoorden maakte ik een lijstje van diensten die ik gebruik, grofweg geordend naar de gevoeligheid van de informatie die erop staat. Zoals velen kwam ik op een lijstje uit waar dingen als bankzaken, foto’s, bestanden, berichtenapps, etc. op staan.
De volgende vraag is meteen veel lastiger: waar moet het alternatief aan voldoen? Ik bedacht zelf de volgende eisen: veilig, privé, en open-source.9Open-source houdt in dat de broncode openbaar is, en door anderen gecontroleerd, verbeterd en overgenomen mag worden. Zo kan bijvoorbeeld worden gecontroleerd of er geen achterdeurtjes in de code zitten. Vaak is er een bepaalde mate van democratisering in de richting waar een project op gaat, en mocht je je niet in die richting kunnen vinden, dan kun je het project ook forken en er je eigen draai aan geven!↖ Met één sterke voorkeur: draaiend op computers in de EU, en het liefst in mijn eigendom.
Maar het landschap van privacyvriendelijke alternatieven kent vele smaken. De smaak die bij je past verschilt naargelang je behoefte aan avontuur of gemak, en je mate van digitale geletterdheid. De juiste keuze is voor iedereen anders.
Beheerde alternatieven
Dit is de meest toegankelijke optie. Ze vereist geen of weinig technische kennis en de kleinste tijdsinvestering. In de kern gaat het om overstappen van een doorgaans gratis big tech optie naar een doorgaans betaalde en bij voorkeur open source versie van hetzelfde product. Je vertrouwt hier alsnog op derden, maar je betaalt ze met geld in plaats van met aandacht. Zij ontzorgen je door de technische kant voor je te regelen. Het liefst neem je een dienst die de veiligheid van hun product en dus jouw data ook door een onafhankelijke club laat controleren middels een veiligheidsaudit of pentestenW. En als het een Europees bedrijf betreft, dan word je beschermd door Europese privacywetgeving. Privacy Guides↗ is een fantastische website met zeer gedetailleerde informatie over privacyrespecterende diensten, die ook veel uitlegt over de criteria die gehanteerd worden. Op Open Alternative↗ kun je je huidige big tech dienst invullen om er een open-source alternatief voor te vinden. Kijk daarbij naar eigenschappen die je belangrijk vindt. Vraag desnoods een AI research tool om een rapport te schrijven over de verschillen.10Dit geldt natuurlijk voor alles hier: kom je er niet uit, vraag een Large Language Model (LLM) om je te helpen. Met een beetje gezond verstand zul je merken dat je een heel eind komt.↖
Nadat je een goed alternatief hebt gevonden, moet je die natuurlijk eerst uitproberen. Zelfs met de beste uitleg weet je nog niet of software bij je past totdat je het zelf geprobeerd hebt. Welke functionaliteit van de oude app vind je belangrijk? Heb je een alternatief naar tevredenheid getest? Exporteer dan je data bij de oude dienst en importeer deze bij de nieuwe dienst. Bij veel diensten zit deze optie diep verborgen in de instellingen, en zo niet, dan zijn er vaak andere mensen die er met omwegen toch een oplossing voor hebben gevonden.
Self-hosted alternatieven
Voor volledige vrijheid zul je echter los moeten komen van derden die “de achterkant” van de software voor je beheren. Die achterkant heet een server: een computer die altijd aanstaat en waar een client zoals een telefoon of laptop verbinding mee kan maken. Met een eigen server heb je volledige controle en vrijheid over de software die je gebruikt. Tegelijkertijd ben je volledig verantwoordelijk als er iets fout gaat en draag je zorg voor je eigen beveiliging. Er is dus niemand die je ontzorgt, maar er is ook niemand die iets voor je beslist.
Zelf besloot ik om te gaan voor “self-hosted, tenzij”. De tenzij kan dan zijn: tenzij het me technisch de pet te boven gaat, tenzij het niet om belangrijke data gaat, of tenzij afhankelijkheid niet zo kwetsbaar maakt. Zoals ik eerder al noemde, gaat email self-hosten me de pet te boven. Daarvoor blijf ik dus een bedrijf inhuren. Wat betreft muziek en videomateriaal weegt de benodigde infrastructuur en opslagruimte (een heleboel) niet op tegen mijn belang bij onafhankelijkheid van partijen als Spotify of Netflix. Vooral voor diensten die persoonlijke, unieke diensten bewaren, besloot ik mijn eigen server te gebruiken.
Hardware kopen of huren
Een andere overweging die bij het onderhouden van je eigen server komt kijken gaat over de hardware. Je kunt een PC aanschaffen, zoals een goedkope mini-PC↗ of een Raspberry Pi die bij je thuis staat om als server te dienen. Maar er zijn ook genoeg partijen die serverruimte ‘in de cloud’ verhuren. Het voordeel van een home server is dat je niet afhankelijk bent van derden, en dat je bepaalde diensten kunt draaien die niet kunnen op een gehuurde server. Ik moet in het bijzonder aan twee categorieën denken. De eerste categorie is die van de DNS servers die bij je thuis alle advertenties, dus ook die op slimme apparaten zoals TV’s, kunnen blokkeren, met name Pi-Hole↗ of AdGuard Home↗. De andere categorie is die van de smart home software, met name Home Assistant↗. Het nadeel van een home server en het voordeel van een gehuurde server, is dat je data niet verloren gaan als je huis afbrandt. Bovendien ben je niet verantwoordelijk voor het onderhouden van je hardware, en is de drempel om te beginnen met self-hosting veel lager. In plaats van een PC van honderden euro’s, neem je een abonnement van een paar euro per maand waar je ook zo weer vanaf bent. Ik koos zelf voor een gehuurde server bij Hetzner↗, een grote Duitse aanbieder van clouddiensten met een competitieve prijs. Met de huidige stormloop op werkgeheugen↗ zal dat voorlopig nog wel even zo blijven.
Centralisatie en risicospreiding
De meeste mensen gebruiken Microsoft 365 op hun werk↗, en voor privégebruik zie ik om me heen steeds vaker dat mensen in eerste instantie naar Google Drive reiken. Beide bedrijven bieden volledige suites aan, digitale softwarepakketten die zoveel mogelijk behoeftes willen vervullen. Het is natuurlijk erg handig als alles met elkaar communiceert en op dezelfde plek staat. Maar je raakt ook verstrikt in het web van dat gemak. Want wat als je de agenda niet meer prettig vindt? Wat als het betreffende bedrijf hun prijzen verhoogt? Wat als ze je data verkopen? Daarom adviseer ik in principe tegen gecentraliseerde privacyvriendelijke alternatieven. De meest populaire optie daarvoor is op het moment het Zwitserse Proton↗. Hoewel Proton een legitieme optie is, raad ik af om volledig over te stappen op Proton. Het is beter om je risico’s te spreiden tussen verschillende bedrijven, zodat je als individu wendbaar blijft. Want enshittificationW is onvermijdelijk.
Digitale zelfbescherming
Het is oké om soms in deze obesogene↗ omgeving toe te geven aan een hamburger van de fastfoodketen met de gele M. Op dezelfde manier mag je ook weleens vervallen in een Youtube binge. Ik heb dagen dat ik moe ben en weinig zelfbeheersing heb, en bijna dwangmatig op elk leeg moment mijn telefoon pak. Op andere dagen doe ik dat niet en laat ik mijn koptelefoon in mijn tas. Het is niet mogelijk, niet nodig, en niet wenselijk om je volledig af te wenden van dit soort technologie. Maar wat als je wat extra ondersteuning nodig hebt om er weerstand aan te bieden? Omdat een andere activiteit je meer voldoening brengt, je dichter bij een doel brengt, of je laat verbinden met de mensen om je heen?
Daarvoor probeerde ik legio hulpmiddelen. Denk aan Apple’s app limits↗, of aan dure betaalde diensten zoals OneSec of Opal. Al deze opties zette ik na verloop van tijd uit of wist ik te omzeilen. Andere mensen stellen voor om over te stappen op een dumb phone, maar dat vind ik persoonlijk toch iets te ascetischW.
Zelf gebruik ik nog maar één vorm van digitale zelfbescherming: de fysieke blokkade. Daarmee bedoel ik een blokkade die alleen met een fysieke, plaatsgebonden handeling ongedaan gemaakt kan worden. Door bijvoorbeeld een QR-code of NFC-chipW te scannen, die alleen thuis op je koelkast hangt. Je blokkeert een aantal apps die je niet wil gebruiken, en je moet eerst langs je koelkast om ze weer te deblokkeren. Er zijn een aantal dure aanbieders van deze functionaliteit, waar je een aantal tientjes betaalt voor een ge-3D-printe NFC-chip met een kostprijs van een paar cent. In plaats daarvan raad ik Foqos.app↗ aan (alleen voor iOS). Volledig open-source en gratis, met de meest uitgebreide functionaliteit van alle apps. Ik gebruik zelf twee modi, afhankelijk van hoe offline ik wil zijn. De ene is mijn alledaagse modus, die YouTube blokkeert maar me bijvoorbeeld wel toestaat om op internet te gaan. De andere is de dumb phone modus, waarmee ik alleen bij essentiële apps zoals bellen, berichten sturen, en navigatie kan.
V. Verdieping: beheerde alternatieven
Hoewel dit stuk soms aan een goedkoop blogartikel doet denken, zitten er geen affiliate links in en verdien ik er dus ook geen geld aan.
Zoals ik eerder al heb genoemd, is het voor de meeste mensen niet verstandig of haalbaar om je eigen emailserver aan te houden. Dat betekent dus dat je afhankelijk bent en blijft van een derde partij. Email is naast je 06-nummer een van de belangrijkste manieren waarop mensen of instanties je identificeren of contact met je op kunnen nemen. Het is dus belangrijk dat je emailadres hetzelfde blijft, en ik begrijp de weerstand die mensen voelen bij het wisselen van emailadres. Tegelijkertijd is het dus ook belangrijk dat je weerbaar bent, want zo’n centraal punt in je digitale leven uit handen geven maakt kwetsbaar. Helaas zitten veel mensen vast aan @gmail-, @hotmail- of @icloud-adressen.
De eerste stap om een emailadres te hebben dat onafhankelijk is van welke provider dan ook, is het aanschaffen van je eigen domeinnaam. Dat kan goedkoop en veilig bij de Zwitserse aanbieder Infomaniak↗. Als je een domeinnaam bezit, bezit je ook elk mailadres dat eindigt op @<domeinnaam>. Zo bezit ik bijvoorbeeld alle emailadressen die eindigen op @koenraijer.com. Als ik besluit om over te stappen van emailprovider, dan kan ik mijn primaire mailadres dus meenemen. Zo ben je wendbaar zonder dat je er veel nadelen van ondervindt. En vrij om de verschillende opties te verkennen.
Ik koos uiteindelijk voor het Mail Plus abonnement van Proton Mail↗. Daarvoor probeerde ik Tuta Mail↗ (Duits bedrijf, slechte mobiele app), StartMail↗ (niks mis mee, maar beviel me gewoon niet), FastMail↗ (fantastische software, maar als Australisch bedrijf slecht in privacy) en Soverin↗ (Nederlands, vast goed, maar bij mij hing iets vast waardoor ik overstapte).
Naast een mailprovider is het raadzaam om emailaliassen te gebruiken om je echte emailadres te verbergen. Want als je gehecht bent aan je email, dan wil je het liefst dat je inbox niet vervuild raakt met spamberichten. Hoewel spamfilters de afgelopen jaren erg goed zijn geworden, is dit probleem met de opkomst van LLMs opnieuw relevant geworden↗. Het is dus zaak om je emailadres goed af te schermen, en om niet overal je emailadres in te vullen. Maar wat als je toch gebruik wil maken van een website of dienst die je mail vraagt? Daarvoor zijn er emailaliassen.
Het werkt zo: je maakt een dummy email aan zoals ” margin-going-uncle@duck.com@”, dat alle mail doorstuurt naar je echte mailadres. Dat heeft naast privacy nog een tweede voordeel: als je spam krijgt blokkeer je gewoon het dummy mailadres. Het creëren van mailaliassen is geïntegreerd in veel wachtwoordmanagers. Net zoals je wachtwoorden willekeurig kunt genereren, kun je dus ook mailaliassen willekeurig genereren. Ik gebruik de gratis DuckDuckGo alias service↗. Voor Proton gebruikers met het duurdere abonnement is Simple Login↗ geïntegreerd in Proton Pass. Afgelopen week nog werd ik geraakt door het grootste datalek in de Nederlandse geschiedenis↗, maar omdat ik mijn account een emailalias gebruikte, is mijn data veel minder bruikbaar voor hackers.
Wachtwoorden
Naast email is een belangrijk thema: wachtwoorden. Ik zie vaak dat mensen In plaats van het verspreid opslaan van wachtwoorden in browsers op verschillende plekken, is het aan te raden om één centrale wachtwoordmanager te gebruiken die je vervolgens aan al die browsers toevoegt. De beste optie hierbij is vanzelfsprekend Bitwarden↗. Bitwarden is gratis, open-source en wordt voortdurend door externe partijen gecontroleerd .11 https://bitwarden.com/nl-nl/help/security-faqs/↗↖ Download de Bitwarden app ook op je telefoon en stel hem daar in als de wachtwoordenmanager. De sleutel tot je Bitwardenkluis is je hoofdwachtwoord. Dat moet je uit je hoofd leren. Als dat niet kan of lukt kun je het op een briefje ergens in een fysieke kluis stoppen, maar dat heeft niet de voorkeur. Ik raad je dus af om je wachtwoorden in de browser op te slaan, omdat je dan afhankelijk bent van een bepaalde soort browser, en omdat wachtwoorden nooit de core business van een browser zijn.
Advertenties en tracking (inclusief browsers)
Niemand wil advertenties zien, en met een paar keer klikken gelukkig hoeft dat vandaag de dag ook niet. Ik gebruik al jaren overal ad blockers, en ik kan me een internet met advertenties bijna niet meer voorstellen.
Voor een vrij complete aanpak zul je je op verschillende manieren moeten wapenen, door middel van:
- je keuze van webbrowser,
- extensies in diezelfde webbrowser,
- de zoekmachine die je gebruikt, en
- door het gebruik van een DNS filter, waarmee op netwerkniveau je internetgebruik ontdaan wordt van advertenties en verkeerde websites.
Er is gelukkig een groot aanbod aan privacyvriendelijke webbrowsers. Ik koos uiteindelijk voor Brave↗ met Brave Search↗ als zoekmachine. Daarvoor gebruikte ik een tijd LibreWolf↗, en er bestaan nog meer goede opties, zoals Mullvad Browser↗. Het voordeel van Brave is dat het uiteindelijk op Chrome gebaseerd is, en dus erg goed werkt, maar dan zonder dat je bespioneerd wordt. Ook de iOS app van Brave is erg compleet. Als browserextensies zijn uBlock Origin (Lite)↗ en I still don’t care about cookies↗ onmisbaar om advertenties en cookie popups te verwijderen. Een DNS filter vereist ten slotte iets meer uitleg. DNS is een essentieel onderdeel van het internet. Het is een soort adresboek dat vertaalt tussen IP-adressen en websites. Iedereen moet dus gebruik maken van een DNS-dienst. Als je kies voor een DNS-dienst zoals NextDNS↗ wordt bovendien allerlei narigheid uit je internetverkeer gefilterd. Het is gratis en gemakkelijk te installeren op al je apparaten. Het is ook mogelijk om dit helemaal zelf te regelen, door bijvoorbeeld Pi-Hole↗ of AdGuard Home↗ op een server te installeren. Ik heb daar vanwege het gemak (nog) niet voor gekozen.
Financiën
Ons financiële systeem is in grote mate gecentraliseerd. Banken kunnen omvallen, cashgeld verliest terrein, en cryptomunten staan vooral op enkele grote cryptobeurzen. Wie vertrouw je informatie over je transacties toe, en wie niet? Welke informatie krijgen en bewaren betrokken partijen eigenlijk over je transacties? Hoe verklein je de risico’s die je loopt? Twee eigenschappen zijn het belangrijkst bij het beoordelen van de anonimiteit van betaalmethodes: privacy van de bank, en privacy van de verkoper.
Er zijn 2 methodes die anonimiteit naar zowel de bank als de verkoper garanderen: cash en cadeaukaarten, beiden zijn tegenwoordig sterk gelimiteerd.
Met andere woorden: cash is king. Het is de enige manier waarop niemand weet hoe je je geld uitgeeft, de bank noch de verkopende partij. Sinds 1 januari 2026 kun je in Nederland alleen nog voor aankopen van minder dan €3000,- met cash betalen.13Rijksoverheid. (n.d.). Verbod op contante betalingen vanaf € 3.000. https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financiele-sector/verbod-contante-betalingen-van-3000-euro↗↖ Bovendien zullen veel mensen vinden dat cash onhandig of traag is. Cash wordt bovendien op steeds minder plekken↗ in Nederland geaccepteerd.
Cadeaukaarten, of waardebonnen, zijn naast cash de enige andere manier om in Nederland volledig anoniem te betalen, onder voorwaarde dat ze gekocht zijn met cash. Cadeaukaarten die je met cash koopt zijn op dit moment de enige manier om online anonieme aankopen te doen. De Wwft↗ limiteert de aankoop ervan echter op €150, en de online transactielimiet op slechts €50.
Cryptomunten zijn een andere veelgehoorde optie die op het eerste oog privé klinkt, maar het eigenlijk bijna niet meer is. Door steeds strengere wetgeving zijn cryptobeurzen namelijk verplicht hun klanten te identificerenW en om zich te houden aan de Wwft. Omdat de blockchain kort door de bocht een openbaar kasboek is, kunnen cryptotransacties zo bijna altijd teruggevoerd worden tot het individu dat oorspronkelijk zijn fiatgeldW voor crypto inruilde.
Los van de privacy van cryptobetalingen, is een ander probleem het bewaren van je cryptomunten. Het is raadzaam om een offline cryptowallet te kopen. Zo ben je niet afhankelijk van de grote gecentraliseerde cryptobeurzen. Zo zit het faillissement van FTXW, onder leiding van de beruchte schurk Sam Bankman-Fried, me nog vers in het geheugen. Ik heb recent de Trezor Model One gekocht voor een paar tientjes.
| Methode | Bank weet ervan | Verkoper ook |
|---|---|---|
| Cash | Nee (alleen afschrift) | Nee |
| Cadeaukaart | Nee (gekocht met cash) | Nee |
| Crypto (direct) | Ja (sinds nieuwe wetgeving) | Nee |
| Credit card voor eenmalig gebruik | Ja | Nee |
| Apple Pay | Ja | Nee |
| Credit card of pinpas (debit card) | Ja | Ja |
| PayPal | Ja (+ aankoop) | Ja |
Oké, leuk, maar ‘waar blijft dat praktische advies?’ hoor ik je denken. Veel mensen betalen immers vooral met hun telefoon, met contactloos betalen of via een webshop. Wat zijn dan nog je opties?
Heb je een iPhone, gebruik dan liever Apple Pay dan iDeal (of Wero). Apple belooft geen transactiegegevens te bewaren↗, en geeft geen persoonsgegevens aan de verkoper↗ . iDeal is in feite hetzelfde als normale Europese overschrijving (SEPA), waarbij je naam en rekeningnummer verplicht meegestuurd worden met je geld, dat direct op de rekening van de ontvangende partij arriveert. Hou er wel rekening mee dat je met Apple Pay afhankelijk blijft van een Amerikaans technologiebedrijf, en die liegen nog wel eens. Als je een Android telefoon hebt is Google Pay absoluut af te raden, omdat ze je betaalgegevens analyseren en doorverkopen voor marketingdoeleinden .14Consumentenbond. (z.d.). Stop met Google Pay. Geraadpleegd op 17 februari 2026, van https://www.consumentenbond.nl/acties-claims/acties/stop-met-google-pay↗↖ In dat geval kun je beter kiezen voor eenmalige credit cards, bijvoorbeeld van Revolut.
Volledige financiële privacy is dus voorbehouden aan fysieke transacties onder de €3000 en digitale transacties onder de €50. Voor privacy naar de verkoper toe, zijn er gelukkig meer opties!
Twijfelgevallen
Wanneer is het niet nodig om voor een privacyvriendelijk alternatief te kiezen? Dat hangt af van wat jij belangrijk vindt.
Voor mij persoonlijk luister ik niet naar voldoende muziek om op een alternatief voor Spotify over te stappen. Bovendien is muziek geen persoonlijke informatie, en is het geen informatie die anders verloren zou gaan. Maar als je autonomie van artiesten belangrijk vindt, zou je ervoor kunnen kiezen om over te stappen op platforms zoals Bandcamp.
Op gebied van taalmodellen en kunstmatige intelligentie gaat de ontwikkeling van de software die de modellen als het ware verpakt en de functionaliteit uitbreid, zo snel, dat alternatieve, self-hosted interfaces te weinig functionaliteit gaven. Bovendien waren mijn API-kosten uiteindelijk hoger dan de prijs van een maandabonnement was geweest. Ik ben hier niet tevreden over, en hou privacyvriendelijke opties zoals Lumo AI↗ (van Proton) of Confer↗ (van de maker van Signal).
Berichtendiensten zijn de afgelopen jaren regelmatig in het nieuws geweest. Met name Signal↗ heeft meerdere golven gekend waarin mensen elkaar motiveerden om over te stappen. Vanwege netwerkeffectenW blijkt het vrij moeilijk om Whatsapp achter te laten. Continu wisselen tussen berichtenapps is vervelend. Om te voorkomen dat je terugvalt in Whatsappgebruik is er Beeper↗, dat een overzicht biedt van alle berichtendiensten die je gebruikt.
Privacyvriendelijke alternatieven voor kaartenapps zijn allemaal slechter dan Google Maps. Mijn meest recente experiment in de wereld van kaartenapps is Magic Earth↗, een Nederlands Google Maps alternatief dat je privacy respecteert. Het is tot nu toe het beste Google Maps alternatief, heeft een fietsmodus, en gebruikt actuele verkeersdata. En als je niet anders kunt of je bent ontzettend fan van Apple kun je ook nog altijd Apple Maps gebruiken.
De richting waarin het wegen van de voor- en nadelen van een “beter” alternatief uitvalt, is dus geheel afhankelijk van je wensen, financiën, normen en waarden, etc.
VI. Self-hosting
In dit hoofdstuk leg ik uit wat self-hosting inhoudt, of jij het ook moet gaan doen, en hoe mijn daadwerkelijke server er grofweg uitziet. Niet in te veel detail, want security through obscurityW. Dat doe ik aan de hand van een restaurantmetafoor die gedurende het hele stuk terugkomt.
Wat is self-hosten?
Software heeft een voorkant en een achterkant. Sta me toe de metafoor van een restaurant te gebruiken. Als je gaat uiteten, zit je aan een tafeltje, waar de ober uiteindelijk je gerecht naartoe brengt. Dat is de voorkant, de frontend. Maar je gerecht wordt natuurlijk niet zomaar tevoorschijn getoverd: de obers komen uit een keuken, waar het eten bereid wordt, en waar verse producten aangeleverd worden, en zo verder. Dat is de achterkant, de backend. Moderne apps werken doorgaans niet met een open keuken, we hebben geen idee wat ze daar allemaal uitspoken. We moeten ze op hun blauwe ogen geloven dat ze niet in ons eten gespuugd hebben. En we kunnen alleen kiezen wat er op het menu staat. Wat als het menu verandert? Wat als dat sappige biefstuk een droge schoenlap wordt? In de echte wereld kun je dan besluiten om naar een ander restaurant te gaan. In de digitale wereld niet. Hier loopt de vergelijking mank. Want in de digitale wereld ben je vaak afhankelijk van het product wat je gebruikt. Al je data staat bij hen. Je bent gewend aan de functionaliteit. Er zijn vaak geen goede alternatieven die binnen handbereik zijn. En dat weet het bedrijf. Daarom kunnen ze doen wat ze willen. Met hun prijzen, met je data. Want je kunt nergens anders naartoe.
Om toch weer even terug naar het restaurant te gaan: de ‘open keuken’ is analoog aan open-source. Bij een open keuken kun je precies in de gaten houden hoe je eten bereid wordt. In theorie zou je het gerecht thuis na kunnen maken. En als je iets niet lekker vindt, dan kun je erachter komen tijdens welke stap het mis ging. Als ze de prijzen verhogen, zou je met hun recept naar een ander restaurant kunnen gaan.
Je zou ook nóg een stapje verder kunnen gaan. Stel je voor dat je met dat recept in de hand een stukje keuken huurt in een nieuw soort openbaar, gedeeld restaurant, waar mensen dan aan de slag gaan om je recept voor je te maken. Dat is wat [self-hosting]( https://en.wikipedia.org/wiki/Self-hosting_(network)W is. Je zit niet alleen in het restaurant, je overziet je eigen restaurant, en als iets je niet zint, dan pas je het aan.
Self-hosten geeft dus maximale controle over zowel de frontend als de backend van je software. Over alle beslissingen die over jouw data en over je software genomen wordt kun je een veto uitspreken. Maar dat wil gelukkig niet zeggen dat je ook alles zelf hoeft te doen.
Want er zijn levendige en zeer actieve gemeenschappen van software die je kunt self-hosten. Die gemeenschappen variëren van volledig draaiend op vrijwilligers, tot bedrijven die hun product gratis aanbieden voor self-hosters, tot bedrijven die geld vragen om hun software te mogen self-hosten. Ik raad je aan om deze zeer uitgebreide lijst van software die je kunt self-hostenGH eens te bekijken om een idee te krijgen. Je hoeft de software dus zeker niet zelf te maken!
Dat neemt alleen niet weg dat self-hosten ook grote verantwoordelijkheid schept. Want wat als je medewerkers de deur vergeten af te sluiten ‘s avonds, of je ouderwetse slot kan gemakkelijk geforceerd worden, of je hebt geen camera’s opgehangen? Dan is het makkelijk inbreken. Ook dat hoef je gelukkig niet allemaal zelf te verzinnen, maar je blijft er wel verantwoordelijk voor.
Moet ik gaan self-hosten?
Dat hangt van je antwoord op een aantal vragen af.
Kun je redelijk programmeren? Zoals ik al zei moet je in staat zijn om je eigen system administrator te zijn. Je moet in de basis begrijpen dat je via de terminal toegang hebt tot de gehele computer. Je moet instructies kunnen volgen om dingen te installeren. Je moet iets weten van syntax, foutmeldingen, en problemen oplossen. Ik moet hier wel bij zeggen dat je met kunstmatige intelligentie een heel eind komt.
Vind je zelfstandigheid belangrijker dan gemak? Het is nu eenmaal zo dat een gehoste versie van een bepaalde app altijd minder moeite kost dan de versie die je selfhost. Bovendien kunnen er dingen stuk gaan, en kan het zo zijn dat je een paar uur vastloopt op het installeren van een bepaalde feature.
Durf je het aan? Self-hosten is een risico. Een risico dat het je niet lukt en dat je een paar uur van je leven verspild hebt (hoewel je dan wel iets geleerd hebt). Een risico dat je je data kwijtraakt (dus maak altijd voldoende backups↗!). Zelfs een risico dat je data gestolen wordt.
Lijkt het je leuk? Je hebt volledig de touwtjes in handen om je digitale leven zelf in te richten. Je leert spelenderwijs hoe computers met elkaar communiceren en hoe de backend van software die je je hele leven al gebruikt eigenlijk werkt.
Als je antwoord op al deze vragen ja is, dan is self-hosten misschien wel iets voor jou.
Een overzicht van mijn server
Mijn server huur ik bij een Duits bedrijf dat Hetzner heet. De server heeft 8 GB werkgeheugen (RAM) met 1 terabyte aan opslag. Het geheel kost me ongeveer 10 euro per maand. Dat is vergelijkbaar met de kosten bij cloudproviders zoals Apple of Google. De server draait op het besturingssysteem Ubuntu, een versie van Linux. Op die server loopt software die Docker heet, en met Docker creëer je containers. Containers zijn geïsoleerde eilandjes waarin een app of service draait. socket-proxy zorgt dat containers niet meer dan nodig met elkaar kunnen communiceren. Het geheel is te vinden via een domeinnaam die op mijn naam geregistreerd staat, en alle apps hebben hun eigen subdomein, bijvoorbeeld: restaurant.nl/mise-en-place. Bij de voordeur staat Traefik, een dienst die bezoekers die bij restaurant.nl/mise-en-place aankloppen, doorstuurt naar de betreffende ruimte. Die categorie software heet een reverse proxy. De achterdeur is gebarricadeerd door een firewall. Natuurlijk mag niet elke bezoeker naar elk subdomein. Authelia vraagt bezoekers om hun gebruikersnaam en wachtwoord, inclusief tweefactorauthenticatie. In werkelijkheid ben ik de enige bezoeker. Als bezoekers verdacht gedrag vertonen, doordat ze er onbetrouwbaar uitzien (ze bezoeken vanuit een verdacht IP-adres), of doordat ze verdachte dingen doen (zoals meerdere keren het verkeerde wachtwoord invoeren), dan is er altijd nog Crowdsec: een soort uitsmijter en beveiliger, die voortdurend alle activiteit op mijn server in de gaten houdt. Om ervoor te zorgen dat ik op de hoogte ben als er iets mis gaat, monitort Beszel voortdurend hoe hard de server moet werken, of de schijf vol is, of alle apps online zijn. Als dat het geval is, dan krijg ik via ntfy een berichtje op mijn telefoon. En tot slot zorg Wireguard ervoor dat… En nu wordt de restaurantanalogie uitdagend. Stel je voor dat het restaurant ondergronds is, en alleen te bereiken is via een tunnel vanuit je eigen kelder. Anderen weten niet eens van het bestaan van het restaurant af. Wireguard helpt om een VPN-tunnel te creëren, waarmee je je website van het openbare internet af kunt halen. Als anderen dan naar het adres van de app toegaan, lijkt het alsof het om een niet-bestaande website gaat.
Tot dusver de overhead. Want uiteindelijk gaat dit alles er om dat de kernapplicaties veilig en wel hun werk kunnen doen.
Kernapplicaties
Hier volgt een overzicht van de belangrijkste applicaties die mijn digitale leven op dit moment vormgeven:
- Seafile↗. Deze app bevat al mijn bestanden, synchroniseert deze met mijn laptop, en vormt de achterkant van de PDFs van wetenschappelijke studies die ik in Zotero heb verzameld (via WebDAV).
- Immich↗. Dit is mijn fotoapp die automatisch de foto’s die ik met mijn iPhone maak upload naar mijn server en ze via een mobiele app en webapp beschikbaar maakt om doorheen te kijken en zoeken. Ik ben groot fan van de semantische zoekopties en de gezichtsherkenning. Het geheel doet zeker niet onder voor Apple Photos.
- VaultwardenGH. Deze open-source implementatie van Bitwarden is de meestgebruikte self-hosted variant van Bitwarden. Het is een volledige implementatie van de app, en werkt met de reguliere Bitwarden mobiele en webapps.
- Syncthing↗. Deze app doet aan real-time synchronisatie van mijn Obsidian↗ Vault (notitieapp) tussen mijn laptop, server en telefoon.
- DavisGH. Deze app is de bron waar mijn kalender, contacten en herinneringen in staan. Ik kan gewoon op mijn apparaten inloggen bij de Apple Calendar, Contacts en Reminders app, maar de gegevens heb ik zelf in beheer.
- Gitea↗. Als je programmeert, dan ken je Github, een gehoste implementatie van meestgebruikte open-source software voor versiebeheer van software: GitW. Gitea werkt vergelijkbaar als Github, maar draait volledig op mijn eigen server. Hiermee hou ik versies van alle software op de server bij, zodat ik altijd terug kan keren naar eerdere versies als er iets mis ging. Ook de website waarop je dit leest wordt gepubliceerd via mijn eigen Gitea instance.
- FreshRSS↗. RSS is een manier waarmee je op de hoogte kunt blijven van je favoriete publicaties, zoals de NOS↗, of de Volkskrant↗, of HackerNews↗, zelfs Youtubekanalen hebben een RSS-feed. Die kun je allemaal samenvoegen in een RSS-lezer, die al die abonnementen voor je samenvoegt tot een enkele feed. Dat gebeurt zonder dat iemand bij kan houden wat je leest of waar je op geabonneerd bent.
- GlanceGH. Dit is de startpagina van mijn server. Het portaal waar alles samenkomt. Hier staan links naar mijn apps, andere veelgebruikte links, en de laatste berichten uit de RSS-feeds waar ik op geabonneerd ben.
Zoek je meer inspiratie of staat je toepassing hier niet tussen? Kijk dan eens in deze lijstGH. Wil je echt zelf aan de slag? Dan kun je een eerste stukje beveiliging van je server afkijken van hierGH.
Mijn volledige set-up
Hieronder heb ik een volledig overzicht uitgeschreven van de diensten die ik eerst gebruikte en waar ik nu op overgestapt ben.
| Categorie | Van | Naar |
|---|---|---|
| Server | - | Hetzner↗ virtual private server (VPS) met 8GB RAM en 80GB SSD |
| Domeinnaamregistratie | Cloudflare (big tech uit de VS) | Infomaniak↗ (Zwitsers privacyvriendelijk bedrijf) |
| DNS (Domain name service) | Cloudflare | deSEC↗. Duitse non-profit, gratis) |
| CDN (Content delivery network) | Cloudflare | geen (niet nodig voor een individuele website). Ik overweeg Bunny CDN, maar zie nu geen noodzaak. |
| Cloudopslag | iCloud 200GB | Hetzner Storage Box (1TB) |
| Bestanden | iCloud | SeaFile (VPS) |
| Kalender | Apple Calendar | Davis (VPS) |
| Contacten | Apple Contacts | Davis (VPS) |
| Herinneringen | Apple Reminders | Davis (VPS) |
| iCloud Mail | Proton↗ Mail | |
| Mailaliassen | - | DuckDuckGo aliases (free) |
| Synchronisatie van notities | Obsidian Sync | SyncThing (VPS) |
| Browser | Safari | Brave (privacyvriendelijk) |
| Zoekmachine | Brave Search / DuckDuckGo | |
| eBooks | Apple Books | Zotero↗ (gratis en open-source, ondersteunt eBooks) |
| Muziek | Spotify | - |
| Wetenschappelijke papers | Zotero Sync | Seafile WebDAV |
| MacOS search | Raycast | Spotlight |
| Navigatie | Google Maps | Magic Earth↗ |
| Wachtwoorden | Bitwarden | Vaultwarden (VPS, self-hosted versie van Bitwarden) |
| Foto’s | Apple Photos | Immich (VPS) |
| Audiotranscriptie | - | Handy (FOSS, MacOS) of Spokenly↗ (iOS / MacOS) met lokale modellen |
| VPN | - | SurfShark↗ (Nederlands) of Mullvad VPN |
| Berichten | - | Beeper↗ (voorkeur voor Signal) |
| DNS | - | NextDNS↗ (iedereen aan te bevelen, filtert je internetverkeer) |
| Betalingen (in volgorde van voorkeur) | - | cash, Revolut throwaway, Apple Pay, iDeal, credit card, debit card, Paypal |
| Nieuwsbrieven | FreshRSS (VPS) | |
| Bestanden versturen | WeTransfer | Send↗ |
| Cryptomunten | BitVavo | Trezor Model One↗ |
VIII. Samenvatting en conclusie
Wat is nu de kern van hetgeen ik wil vertellen? Daar moet ik nog maar even over nadenken!